NRC:
BRIEFGEHEIM: Daar was gistermiddag de brief van de oud-verkenners die duidelijkheid moest scheppen en de mist rond de formatie moest laten optrekken. Maar in hun verklaring trekken Annemarie Jorritsma (VVD) en Kajsa Ollongren (D66) vooral het boetekleed aan, zonder de grote vragen te beantwoorden. Ze noemen het „zeer ongepast” dat ze zich hadden bemoeid met „personele aangelegenheden” – lees: de gewraakte passage „Positie Omtzigt, functie elders”. Dat hadden ze „vanzelfsprekend” niet moeten doen. Dat roept de vraag op: waarom deden ze het dan toch? En als de passages over Omtzigt en Hoekstra niet door de fractievoorzitters of door de media waren ingegeven, zoals Jorritsma en Ollongren schrijven, door wie dan wel?
Meer mist: De verklaring van Jorritsma en Ollongren staat ook nog eens haaks op die van de nieuwe verkenners, Tamara van Ark (VVD) en Wouter Koolmees (D66). Vorige week vrijdag schreven zij aan de Kamer: „De passage berust volgens onze voorgangers [Jorritsma en Ollongren dus] op een inventarisatie vanuit meerdere invalshoeken, waaronder berichten in de media.” Door dit nu te ontkennen, maken de ex-verkenners het hun opvolgers weer lastiger. Nu hebben zíj wat uit te leggen, schrijft NRC-collega Guus Valk. Die uitleg moet woensdag volgen, als de nieuwe Kamer naar verwachting direct gaat debatteren over de kwestie.
Gelukkig hebben we de foto’s nog: Achteraf was deze foto die Ollongren in 2018 op Instagram zette wel bijzonder profetisch („Loop ik met een geheim rapport leesbaar onder de arm over het Binnenhof? ...”). Opgeduikeld door Elif Isitman van De Telegraaf.
DE VERKENNER BESTAAT NIET: Columnist Tom-Jan Meeus zag in de stelligheid waarmee Rutte eerst ieder onderzoek naar de verkennersblunder afwimpelde („Gaat niet, kan niet”) nog iets anders: het risico van macht die zich ongecontroleerd waant. Dat vloeit logisch voort uit de manier waarop de formatie sinds 2012 werkt. De verkenners hebben een sleutelrol, maar hun rol is nergens formeel vastgelegd. Officieel worden ze benoemd door de Kamer, via de voorzitter, maar in de praktijk is de hoofdrol voor het ministerie van Algemene Zaken, het departement van de premier. Vertrouwelingen uit zijn kabinetten leiden de verkenning, ambtenaren die hij kent schuiven aan in de Stadhouderszaal en schrijven mee. Laat dát maar eens veranderen, dixit Tom-Jan. Zodat „de volksvertegenwoordiging de regie van de formatie werkelijk waarmaakt, en de rol van Algemene Zaken terugdringt. Tegenmacht, mensen.”